Terug
Gepubliceerd op 09/12/2025

2025_GR_00109 - Belasting op ontgraving, aanslagjaren 2026-2031: goedkeuring.

Gemeenteraad
ma 08/12/2025 - 19:30 Raadzaal
Datum beslissing: ma 08/12/2025 - 21:43
Goedgekeurd
Dit besluit handelt over een Belastingreglement, type Contantbelasting. Dit reglement treedt in werking op 01/01/2026 en eindigt op 31/12/2031
  • Relevante MAR code: 73314 - Ontgraving
  • Bijkomende aanslagvoet: Nee

Samenstelling

Aanwezig

Sofie Joosen; Lili Stevens; Dirk Broes; Luc Van Houtven; Isabel Glorie; Kristoff Van Genechten; Luc Wuyts; Jos Hellemans; Staf Aerts; Chris De Vos; Marc Van der Linden; Dirk Verbist; Ivan Blauwhoff; Koen Ghys; Anne Resseler; Kris De Smet; Benjamin Van Wijnendaele; Benny Sneyers; Anne Smets; Gerrit Goovaerts; Werner Van Hoeck; Tinne Neutjens; Sophie Meeus; Bert Vermijlen; Tim Op de Beeck

Verontschuldigd

Wim Reyntjens

Secretaris

Tim Op de Beeck

Stemming op het agendapunt

2025_GR_00109 - Belasting op ontgraving, aanslagjaren 2026-2031: goedkeuring.

Aanwezig

Sofie Joosen, Lili Stevens, Dirk Broes, Luc Van Houtven, Isabel Glorie, Kristoff Van Genechten, Luc Wuyts, Jos Hellemans, Staf Aerts, Chris De Vos, Marc Van der Linden, Dirk Verbist, Ivan Blauwhoff, Koen Ghys, Anne Resseler, Kris De Smet, Benjamin Van Wijnendaele, Benny Sneyers, Anne Smets, Gerrit Goovaerts, Werner Van Hoeck, Tinne Neutjens, Sophie Meeus, Bert Vermijlen, Tim Op de Beeck
Stemmen voor 16
Sofie Joosen, Lili Stevens, Dirk Broes, Luc Van Houtven, Isabel Glorie, Kristoff Van Genechten, Luc Wuyts, Jos Hellemans, Chris De Vos, Marc Van der Linden, Dirk Verbist, Ivan Blauwhoff, Koen Ghys, Gerrit Goovaerts, Werner Van Hoeck, Tinne Neutjens
Stemmen tegen 6
Staf Aerts, Anne Resseler, Kris De Smet, Benjamin Van Wijnendaele, Benny Sneyers, Anne Smets
Onthoudingen 2
Sophie Meeus, Bert Vermijlen
Blanco stemmen 0
Ongeldige stemmen 0
2025_GR_00109 - Belasting op ontgraving, aanslagjaren 2026-2031: goedkeuring. 2025_GR_00109 - Belasting op ontgraving, aanslagjaren 2026-2031: goedkeuring.

Motivering

Feiten en context

De gemeenteraad keurde op 9 december 2019 een belastingreglement goed inzake ontgravingen. Dit reglement loopt af op 31 december 2025. In het gemeentelijk reglement op de begraafplaatsen, goedgekeurd op 1 juli 2024, werd bepaald dat de ontgraving van een stoffelijk overschot uit een graf in volle grond voortaan wordt uitgevoerd door een gespecialiseerde firma, aangesteld door het gemeentebestuur. De kosten hiervan worden rechtstreeks gefactureerd aan de betrokken familie of aanvragers. Omdat de gemeente voordien deze werken zelf uitvoerde, is het noodzakelijk de bestaande tarieven aan te passen. Voor de ontgraving van urnen blijft de uitvoering gebeuren door de gemeentelijke dienst begraafplaatsen.

Argumentatie

Het gemeentebestuur wil particuliere aanvragen tot ontgraving niet verbieden, maar wel omwille van hygiënische en praktische redenen beperken en reguleren. De ontgraving van een stoffelijk overschot brengt specifieke gezondheidsrisico’s en technische vereisten met zich mee en wordt daarom uitsluitend uitgevoerd door een gespecialiseerde firma. De kostprijs hiervan wordt rechtstreeks geregeld met de betrokkenen.

Ontgravingen van urnen worden door de gemeentelijke dienst begraafplaatsen uitgevoerd. Omdat de aard, de werklast en de kosten sterk verschillen tussen een stoffelijk overschot en een urne, worden aangepaste tarieven vastgelegd. Deze tarieven hebben enkel betrekking op bijkomende, facultatieve dienstverlening en doen geen afbreuk aan de wettelijk kosteloze opdracht van de algemene lijkbezorging, noch aan het gelijkheidsbeginsel.

Het is gerechtvaardigd een billijke financiële tussenkomst te vragen aan de aanvrager van de ontgraving, rekening houdend met de financiële toestand van de gemeente en de noodzaak om het budget in evenwicht te houden.

Vanaf aanslagjaar 2027 wordt het belastingbedrag jaarlijks op 1 januari aangepast op basis van de gezondheidsindex van oktober van het voorafgaande jaar en de beginindex van oktober 2025.

Juridische grond

De gecoördineerde Grondwet van 17 februari 1994, meer bepaald:

  • Artikel 41 bepaalt dat uitsluitend gemeentelijke belangen door de gemeenteraden worden geregeld volgens de beginselen bij de Grondwet vastgesteld.
  • Artikel 162 bepaalt dat de provinciale en gemeentelijke instellingen bij de wet worden geregeld.
  • Artikel 170, §4 bepaalt dat geen last of belasting kan door de agglomeratie, de federatie van gemeenten en de gemeente worden ingevoerd dan door een beslissing van hun raad.

Het Decreet over het lokaal bestuur, meer bepaald:

  • Artikel 40, §3 dat bepaalt dat de gemeenteraad de gemeentelijke reglementen vaststelt en dat deze reglementen onder meer betrekking kunnen hebben op de gemeentelijke belastingen en retributie.
  • Artikel 41, 14° dat bepaalt dat de bevoegdheid tot het vaststellen van gemeentebelastingen en tot het vaststellen van de machtiging tot het heffen van retributies en de voorwaarden ervan (inclusief verminderingen en vrijstellingen) tot de exclusieve bevoegdheid van de gemeenteraad behoort. Deze bevoegdheid kan met andere woorden niet aan het college van burgemeester en schepenen worden toevertrouwd.

Het Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.
Het Decreet van 3 mei 2024 (BS 31 mei 2024) tot wijziging van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.

Het Decreet op de begraafplaatsen en de lijkbezorging van 16 januari 2004, en latere wijzigingen.

Het Besluit van de Vlaamse regering van 20 april 2018 betreffende de bekendmaking en raadpleegbaarheid van besluiten en stukken van het lokaal bestuur, betreffende de wijze waarop de reglementen en verordeningen van het lokaal bestuur worden bijgehouden in het register en betreffende de raadpleegbaarheid van de besluiten van de politiezones en hulpverleningszones.

Het gemeentelijk reglement op de begraafplaats goedgekeurd door de gemeenteraad op 24 juni 2024, met uitvoeringsdatum vanaf 1 juli 2024.

Besluit

De gemeenteraad beslist:

Artikel 1

De belastbare grondslag

De gemeente heft een belasting op het ontgraven van stoffelijke overschotten.

Artikel 2

De belastbare periode

De belasting wordt geheven voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031.

Artikel 3

De belastingplichtige

De belasting is verschuldigd door diegene die de machtiging tot ontgraven vraagt.

Artikel 4

Tarief en berekeningswijze

De belasting wordt vastgesteld als volgt:


1. Per ontgraving van stoffelijke resten uit een graf:
200,00 euro
2. Per ontgraving van een urne:
120,00 euro
3. Per ontgraving van stoffelijke resten uit een graf op de kinderbegraafplaats:
100,00 euro
4. Per ontgraving van een urne op de kinderbegraafplaats:
60,00 euro

Artikel 5

Jaarlijkse indexering
De tarieven vermeld in artikel 4 worden met ingang van het aanslagjaar 2027 jaarlijks op 1 januari aangepast aan de gezondheidsindex (basis 2013), volgens de formule:

(R x I)/ i

waarbij:

  • R = tarief vastgesteld in artikel 4
  • I = eindindex: maand oktober van het voorafgaande jaar (basis 2013)
  • i = beginindex: maand oktober 2025 (basis 2013)

Het aldus bekomen bedrag wordt afgerond naar een geheel getal.

  • Eindigt het geïndexeerd bedrag op 1, 2, 3 of 4 na de komma, dan wordt afgerond naar beneden.
  • Eindigt het geïndexeerd bedrag op 5, 6, 7, 8 of 9 na de komma, dan wordt afgerond naar boven.

Artikel 6

Vrijstellingen of verminderingen

Worden vrijgesteld van de belasting:



1. De ontgraving die op bevel van de rechterlijke overheid uitgevoerd worden;

2. De ontgravingen naar aanleiding van een bestemmingsverandering van de gemeentelijke begraafplaats;

3. De ontgravingen naar aanleiding van infrastructuurwerken op de gemeentelijke begraafplaats. 

Artikel 7

Wijze van inning

De belasting wordt zonder uitstel betaald tegen afgifte van een betalingsbewijs. Als de contante inning niet kan worden uitgevoerd, wordt de belasting een kohierbelasting.

Artikel 8

Bezwaarmogelijkheden

De belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger kan tegen de belastingaanslag, bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen overeenkomstig de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.

Het bezwaar moet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op het verzoek tot contante betaling.

Artikel 9

Inwerkingtreding

Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026.

Artikel 10

Bekendmaking

Dit besluit wordt bekendgemaakt overeenkomstig artikel 286 tot en met 288 van het Decreet over het lokaal bestuur.

Artikel 11

Melding aan de toezichthoudende overheid

Overeenkomstig artikel 330 van het Decreet over het lokaal bestuur wordt de toezichthoudende overheid op de hoogte gebracht van de bekendmaking van dit besluit.